Steun ons en help Nederland vooruit

woensdag 11 mei 2016

Mensenrechtenreis Engeland deel 2

Ruud Niewold
Raadslid Ruud Niewold is onderweg op een fellowship studiereis met als thema mensenrechten. Eerder al publiceerden we al een verslag, nu voegen we een tweede deel daar aan toe.
Dinsdag 10 mei
Na de bijeenkomsten van de eerste dag werd het mij duidelijk dat het optreden van de politie in Engeland de cruciale onderdelen is van het debat over mensenrechten. Veel prominenter dan in Nederland. Ondanks de berichten die juist deze week in de Nederlandse media verschenen over een nieuw app waar je iets kan melden over politie optreden. In Engeland wordt steeds meer data verzameld over hoe de politie zich gedraagt tegenover mensen uit verschillende culturele achtergronden. In Nederland ontbreekt veel van dergelijke specifieke data. Niemand weet daarom precies wat de aard en omvang is van discriminatie door de politie, of discriminatie in het algemeen.

Het verzamelen, analyseren én publiceren van informatie is ook een sterk punt van joodse en moslimorganisaties, waar wij vandaag mee spraken.  Opvallend vond ik dat joodse en moslimorganisaties op onderdelen veel informatie en ervaringen delen, zonder dat zij volledig in elkaar opgaan.

Terug naar de politie. Gisteren bespraken wij uitgebreid met de politie het fenomeen stop and search. Politieagenten kunnen een persoon waarvan zij een concrete en beargumenteerde aanwijzing van mogelijk verdacht gedrag hebben, vragen om te stoppen en tassen te doorzoeken etc. Dat gebeurt in Nederland niet. Al die bonnetjes schrijven, dat kost je zo 15 minuten die je niet aan echt politiewerk kunt besteden en is teveel bureaucratie, vindt de Nederlandse politie. Ik heb de bonnetjes gezien, waarop je veel informatie kwijt kunt over achtergrond etc. Het invullen daarvan kost een paar seconden tot een halve minuut. Bovendien geeft de politie bij elk optreden kaartjes uit met contactinformatie voor eventuele klachten. Later dit jaar krijgen politiemensen bodycams zodat elk optreden – en klachten daarover – beter geanalyseerd worden.

Dat vind ik als lokale bestuurder een spannende ontwikkeling. Als je niet wilt verzamelen of analyseren, heb je veel minder gevoelige privacykwesties en tijdsbesparing. Maar je hebt dan ook geen informatie om het optreden van de politie – of willekeurig welke organisatie dan ook – zo feitelijk mogelijk te analyseren en verbeteren. Welke kant je ook opgaat, je moet zeker de discussie hierover gaande houden.

In Tottenham vandaag spraken wij ook met de politie over discriminatie. Tottenham is de wijk van Londen waar in 2011 heftige rellen waren na een optreden van de politie waarbij een zwarte jongen werd doodgeschoten. Tottenham is ook onderdeel van het stadsdeel Harringey, waar 1 op de 3 kinderen in grote armoede opgroeit. Wij spraken daar met de zwarte communityleider Stafford Scott, die – vanzelfsprekend een totaal ander beeld heeft van de wijk en de politie.

Uit de verhalen van de politieteams begrijp ik hoeveel inzet zij plegen om op een positieve manier hun werk te doen. Dat is niet te onderschatten. Van Stafford begrijp ik hoeveel meer inzet van iedereen nog nodig is om werkelijk een multiculturele samenleving te hebben. Datzelfde verhaal kregen wij van een Lord die zijn roots heeft in Brits Guana, die wij in het onwaarschijnlijk mooie House of Lords spraken. Hij is tientallen jaren bezig om discriminatie tegen te gaan, met name in het voetbal. De Britse club Tottenham Hotspur doet veel aan anti-discriminatieprogramma’s, die volgens Stafford vooral voor de buhne zijn. Wat je zou moeten doen is zowel nationaal als lokaal écht investeren in anti-discriminatie.

Per dag hebben we 7 of 8 van dergelijke gesprekken, variërend van open data en privacy tot islamfobie. Wat ik als lokale bestuurder hiervan leer, en niet of onvoldoende kan leren in mijn eigen gemeente, is hoe waanzinnig moeilijk het kan zijn om tot echte multiculturele samenlevingen te komen, te zien waar er kansen liggen en te opnieuw te beseffen hoe belangrijk het is dat je een eigen identeit kan bewaren en uitdragen. In de komende maanden wil ik alle ervaringen nog eens goed doorspreken met betrokkenen in Nederland en kijken wat we concreet bij ons in Woerden kunnen doen om er nog een betere plek van te maken.